“Verhalen vertellen is een drang”        

Tweejaarlijks festival in huiskamers in kleinste dorp De Waal op Texel

Van onze verslaggever Gerard van Engelen - “Verhalen in de wind”. Onder die fluisterende titel beleeft Texel volgende week de tweede editie van het tweejaarlijkse vertelfestival. De podia staan op bijzondere plaatsen: in tien huiskamers. In Texels kleinste dorp, De Waal, zullen tien vertellers op 18 juni laten zien hoe je een verhaal tot leven wekt.

Niks voorlezen. Bevlogen vertellen. Je publiek meesleuren het verhaal in. Dat is de uitdaging. Beetje cabaretesk mag, beetje geacteerd mag ook. En hier en daar een instrumentale begeleiding. Een van de verhalenvertellers die naar Texel komt is Marieke van den Houten uit Alkmaar.

“Er was eens een klein meisje dat juf wilde worden. De juf die zij werd vertelde veel verhalen. Dat deed ze met zoveel plezier dat ze besloot verteller te worden in plaats van juf.”

Transformatie van strenge juf tot entertainer in een notendop, verwoord Marieke van den Houten op haar Internetsite. En nu is ze professioneel vertelster. Al vier jaar. Geen vetpot. Een bevlogen artiest is ze. “Vertellen is een leuke manier om contact te maken. Het is acteren, spelen en zingen. Je pakt een verhaal, schrijft dat naar jezelf toe en zuigt het op. Ik heb op diverse scholen in Alkmaar en Zaanstad gewerkt met moeilijk lerende kinderen. Daar heb ik veel op geoefend. Je komt met zijn allen in zo’n verhaal terecht. Het wordt een avontuur. Je zag dat kinderen die moeilijk in de omgang waren zich gingen ontspannen. Ze lachten, gaven soms zelfs spontaan applaus. Ze genoten.”

“Verhalen vertellen is voor mij altijd een innerlijke behoefte geweest. Dat krijg je mee. Toen ik zelf op school zat was ik een stil, verlegen meisje, maar zodra ik op schoolavonden ging vertellen, zette ik de knop om. Dan ging ik zo op in mijn personages dat het me niet meer uitmaakte wat mensen ervan dachten. Jenny Arean (cabaretière en zangeres, red.) heeft het heel aansprekend verwoord. Ze zei tegen de zaal: “Dit is zo’n mooi lied, dat moeten jullie horen. En vervolgens gaf ze zich helemaal. Dat herkende ik: die drang om iets wat je mooi vind zo mooi mogelijk over te dragen.”

“Ik volg nu een beroepstraining voor clown. Niet om echt het circus in te gaan, maar wel om vaardigheden op te doen die je bij het vertellen kunt gebruiken. Daar heb ik geleerd dat je tijdens je voorstelling nooit bezig moet zijn met de vraag “hoe komt dit over”. Dat leidt af. Daarmee ontneem je jezelf je eigen kracht.”

 Trommel

“Ik heb me voorgenomen om te gaan doen wat ik het leukste vind en dat is vertellen. Sinds een jaar of vier ben ik mezelf aan het ontwikkelen. Ik vertel op scholen, aan christelijke vrouwen, aan senioren, in kerken en zelfs al aan een groep ondernemers. Daarom ben ik de clownopleiding gaan volgen. En ook muziek- en zangles. Ik neem altijd een trommel mee of schudeieren (nepeierschalen met kraaltjes erin, red.). Maar met twee lepels kun je ook muziek maken, als je de ruggen tegen elkaar legt. Soms wordt een deel van een verhaal ook sterker door het even te zingen. Neem nou het kinderverhaal over de heksen van Hoei. Dat kun je voorlezen, maar het kan ook zo…” (maakt met denkbeeldige lepel roerbewegingen en zingt met vervormde stem).

Wij zijn de heksen van hoeoeoeoeoeoeiiiiiii, toveren zonder geknoeoeoeoeoeoeiiiiiii. Keu-tels en snot roeren we door-de-pot….

“Dat maakt het verhaal mooier, maar dat is iets van jezelf dat je erin moet leggen. Soms helpt muziek om een sfeer of stemming beter tevoorschijn te laten komen.”

“Dit wordt mijn eerste vertellersfestival. Ik weet nog niet of ik in een grote of kleine huiskamer word neergezet. Spannend. Ik heb vier voorstellingen van ieder een half uur op één avond. Ik doe twee verhalen van de gebroeders Grimm, één van Hans Christiaan Andersen en één van Tonke Dragt. “De waternymf” gaat over verlies en hervinden, “De Gouden vogel”geeft aan hoe stom je ook doet, het kan altijd nog goed uitpakken; “De mestkever” gaat over hoogmoed en “Het mes” is een spook-sprookje over incasseren. Of ik mijn trommel meeneem naar Texel? Ik kan niet zonder!”

Bron: Noordhollands Dagblad / Publicatiedatum: 09-06-2005